Naar inhoud
meetjeverbruik.nl

Vast, variabel of dynamisch tarief: de verschillen

Vast, variabel of dynamisch tarief: de verschillen

Een vast tarief geeft zekerheid over de prijs per kWh en m3 voor de contractduur, een variabel tarief past zich elke zes maanden aan en een dynamisch tarief volgt de uurtarieven op de beurs. De keuze beïnvloedt vooral hoe je omgaat met teruglevering vanaf 2027 en of je verbruik kunt verschuiven naar momenten met lagere prijzen. De totale energierekening bestaat altijd uit inkoopprijs, energiebelasting, 21 % btw en vaste netbeheerkosten, ongeacht het tarieftype.

Hoe is de energieprijs opgebouwd?

De prijs die je betaalt voor stroom en gas bestaat uit vier onderdelen: de inkoopprijs, energiebelasting, 21 % btw en de netbeheerkosten. De energiebelasting 2026 bedraagt EUR 0,1108 per kWh voor stroom en EUR 0,7268 per m3 voor gas. Daar komt een vaste vermindering energiebelasting van EUR 628,96 per jaar per aansluiting bovenop.

De netbeheerkosten zijn een vast bedrag per jaar en verschillen per regio. De inkoopprijs is het deel dat per tarieftype anders wordt vastgesteld. Bij de richtprijs van EUR 0,26 per kWh en EUR 1,42 per m3 zijn alle onderdelen al meegenomen. Werkelijke prijzen verschillen per contract en leverancier.

Een gemiddeld huishouden verbruikt ongeveer 2.500 kWh stroom en 1.100 m3 gas. Met de richtprijs komt de energierekening dan uit op ongeveer EUR 650 voor stroom en EUR 1.562 voor gas, voordat de vaste vermindering energiebelasting wordt verrekend.

Wat is een vast tarief?

Bij een vast tarief spreek je een prijs per kWh en per m3 af voor de hele contractduur, meestal één of drie jaar. De inkoopprijs blijft gelijk, ook als de marktprijzen stijgen of dalen. De energiebelasting en btw blijven wel jaarlijks wijzigen volgens de tarieven van de Belastingdienst.

Een vast tarief geeft voorspelbaarheid. Voor een huishouden met 2.500 kWh en 1.100 m3 reken je met dezelfde richtprijs gedurende de looptijd. Nadeel is dat je niet profiteert als de marktprijzen dalen. Na afloop van het contract moet je opnieuw kiezen.

Een concreet voorbeeld: bij 2.500 kWh à EUR 0,26 betaal je EUR 650. Daarbovenop komt de energiebelasting van EUR 0,1108 per kWh (EUR 277) en 21 % btw over het totaal. De vaste vermindering energiebelasting van EUR 628,96 wordt aan het eind verrekend.

Wat is een variabel tarief?

Een variabel tarief wordt meestal twee keer per jaar aangepast, op 1 januari en 1 juli. De leverancier past de inkoopprijs aan op basis van de actuele markt. Energiebelasting en btw volgen de wettelijke tarieven van dat moment.

Variabele tarieven bieden meer flexibiliteit dan vaste contracten, maar minder zekerheid. Als de inkoopprijzen dalen, profiteer je sneller. Stijgen de prijzen, dan merk je dat ook sneller in je rekening. Veel huishoudens met een gemiddeld stroomverbruik huishouden kiezen hiervoor als ze geen lange binding willen.

Voorbeeld: stel de inkoopprijs daalt tijdelijk met EUR 0,03 per kWh. Bij 2.500 kWh scheelt dat EUR 75 per jaar (excl. btw). De energiebelasting blijft EUR 0,1108 per kWh, dus het voordeel is beperkt tot het inkoopdeel.

Wat is een dynamisch tarief?

Bij een dynamisch contract wordt stroom per uur afgerekend tegen de day-ahead prijs op de EPEX-beurs en gas per dag. Uurprijzen kunnen soms negatief zijn, waardoor je geld toe krijgt als je op dat moment verbruikt. Teruglevering wordt vergoed tegen de marktprijs van dat uur, zonder energiebelasting en btw.

Dynamische contracten vragen meer aandacht. Je kunt verbruik verschuiven naar goedkope uren, bijvoorbeeld met een wasmachine of vaatwasser. Leveranciers als Tibber, Frank Energie en ANWB Energie bieden dit aan. Vanaf 2027 wordt teruglevering tegen marktprijs voor veel huishoudens minder aantrekkelijk.

Voorbeeld: een uurprijs van EUR 0,05 per kWh in plaats van EUR 0,26 levert bij 10 kWh verbruik een besparing van EUR 2,10 op. Bij negatieve prijzen krijg je geld toe. De energiebelasting blijft EUR 0,1108 per kWh, ongeacht het uur.

Vergelijking van de drie tariefsoorten

Tarief Prijszekerheid Flexibiliteit Teruglevering na 2026 Geschikt voor
Vast Hoog Laag Marktprijs + terugleverkosten Voorspelbaar verbruik
Variabel Middel Middel Marktprijs + terugleverkosten Geen lange binding
Dynamisch Laag Hoog Uurprijs (vaak lager) Verschuifbaar verbruik

* De tabel toont de belangrijkste verschillen. Werkelijke terugleverkosten verschillen per leverancier en contract.

De terugverdientijd van zonnepanelen loopt op na 31 december 2026 omdat salderen stopt. Bij vast of variabel tarief krijg je vanaf 2027 alleen een terugleververgoeding. Bij dynamisch tarief geldt de uurprijs op dat moment. Een uitleg over de kosten van 1 kWh stroom helpt om de verschillen beter te begrijpen.

Invloed van salderen en teruglevering

Tot en met 31 december 2026 mag je 100 % salderen. Vanaf 1 januari 2027 stopt de regeling in één keer. Teruggeleverde stroom kun je dan niet meer wegstrepen tegen je verbruik. Je ontvangt alleen een terugleververgoeding per kWh van je leverancier.

Sommige leveranciers rekenen nu al terugleverkosten, vaak 1 tot 3 cent per teruggeleverde kWh of een vast bedrag per jaar. Na 2027 zullen naar verwachting vrijwel alle leveranciers dit doen. Een warmtepomp of andere elektrische apparaten kunnen het verbruik verhogen en daarmee de teruglevering verlagen.

Een huishouden met 10 zonnepanelen (ongeveer 4.000 Wp) levert jaarlijks rond de 3.400-4.000 kWh terug. Zonder saldering scheelt dat bij EUR 0,26 per kWh ongeveer EUR 884-1.040 aan gemiste besparing, afhankelijk van de terugleververgoeding die de leverancier biedt.

Wanneer kies je welk tarief?

Kies een vast tarief als je prijszekerheid belangrijk vindt en weinig tijd hebt om tarieven te volgen. Een variabel tarief past bij huishoudens die flexibel willen blijven zonder grote risico’s. Een dynamisch tarief is vooral interessant als je verbruik kunt verschuiven en zonnepanelen hebt die je eigen gebruik verhogen.

Overweeg ook je apparaten. Een airco-inverter of energie besparen bij wassen en drogen maakt het makkelijker om te profiteren van lage uurprijzen. De terugverdientijd van investeringen zoals een thuisbatterij wordt na 2026 korter bij dynamische tarieven.

Er is geen prijsplafond meer sinds 2023. De keuze voor een tarief blijft daarom altijd een afweging tussen zekerheid en mogelijke besparing. Vergelijk altijd de volledige voorwaarden, inclusief terugleverkosten en opzegtermijnen.

Veelgestelde vragen

Wanneer stopt de salderingsregeling precies?

Je mag tot en met 31 december 2026 volledig salderen. Vanaf 1 januari 2027 stopt de regeling in één keer en geldt alleen nog een terugleververgoeding.

Is een dynamisch contract altijd goedkoper?

Niet per definitie. Het hangt af van je verbruikspatroon en of je kunt verschuiven naar goedkope uren. Bij veel teruglevering kan de lagere vergoeding nadelig uitpakken.

Wat gebeurt er met de energiebelasting bij dynamische tarieven?

De energiebelasting blijft EUR 0,1108 per kWh voor stroom, ongeacht het uur. Alleen de inkoopprijs varieert per uur.

Kan ik overstappen als ik al zonnepanelen heb?

Ja, maar let op de terugleverkosten en de vergoeding per kWh na 2026. Vergelijk de voorwaarden van verschillende leveranciers voordat je overstapt.

Bronnen & tarief: cijfers o.b.v. Rijksoverheid, Milieu Centraal, CBS, Nibud, RVO en Belastingdienst. Kosten berekend met een richtprijs van EUR 0,26 per kWh en EUR 1,42 per m3 (gemiddeld all-in, CBS 2026); werkelijke prijzen verschillen per contract, leverancier en moment.

Meer in Energieprijzen.