Naar inhoud
meetjeverbruik.nl

Waarom schommelen energieprijzen zo sterk

Waarom schommelen energieprijzen zo sterk

De inkoopprijs op de groothandelsmarkt bepaalt grotendeels waarom energieprijzen sterk schommelen. Vraag en aanbod, weersomstandigheden en geopolitieke gebeurtenissen zorgen voor dagelijkse of zelfs uurlikse veranderingen, terwijl energiebelasting en netbeheerkosten stabiel blijven. Dit artikel legt uit hoe die schommelingen ontstaan en wat ze betekenen voor een gemiddeld huishouden met 2.500 kWh stroom en 1.100 m3 gas.

De opbouw van de energieprijs

De totale prijs die je betaalt voor stroom en gas bestaat uit vier onderdelen: de inkoopprijs, energiebelasting, 21 procent btw en netbeheerkosten. De inkoopprijs varieert per uur of per dag, terwijl de energiebelasting voor 2026 vaststaat op 0,1108 euro per kWh stroom en 0,7268 euro per m3 gas. De vaste vermindering energiebelasting bedraagt 628,96 euro per jaar per aansluiting.

Netbeheerkosten zijn een vast jaarbedrag en veranderen nauwelijks. Daardoor komt de grootste schommeling altijd uit de inkoopprijs. Bij een richtprijs van 0,26 euro per kWh stroom bestaat ongeveer de helft uit belastingen en de andere helft uit inkoop plus marge. Een stijging van de inkoopprijs met 0,05 euro per kWh verhoogt je jaarkosten bij 2.500 kWh met 125 euro.

Voor gas geldt hetzelfde mechanisme. Bij een richtprijs van 1,42 euro per m3 en een verbruik van 1.100 m3 zorgt een stijging van de inkoopprijs direct door in de eindafrekening. De energiebelasting en btw blijven daarbij constant.

Vraag en aanbod op de groothandelsmarkt

De inkoopprijs ontstaat op de day-ahead-markt waar leveranciers elektriciteit en gas inkopen. Als de vraag plotseling stijgt, bijvoorbeeld door een koude periode, loopt de prijs op. Omgekeerd daalt de prijs als er veel aanbod is, zoals bij harde wind of veel zon.

Een concreet voorbeeld: stel dat de inkoopprijs van stroom een uur lang 0,10 euro per kWh bedraagt in plaats van de gemiddelde 0,15 euro. Bij 5 kWh verbruik in dat uur bespaar je 0,25 euro ten opzichte van de richtprijs. Over een heel jaar kan zo’n variatie tientallen euro’s schelen bij een huishouden met 2.500 kWh.

Gas kent vergelijkbare dynamiek, maar dan per dag in plaats van per uur. Een plotselinge stijging van de vraag in Noordwest-Europa kan de dagprijs met enkele centen per m3 verhogen, wat bij 1.100 m3 verbruik snel merkbaar is op de jaarafrekening.

Invloed van weer en seizoenen

Weersomstandigheden hebben directe invloed op zowel vraag als aanbod. Koude dagen verhogen de vraag naar gas voor verwarming, terwijl zonnige en winderige dagen juist extra aanbod van stroom opleveren. Dit zorgt voor sterke schommelingen binnen één week.

Neem een gezin met 4.300 kWh verbruik. In een zonnige week kan de inkoopprijs dalen tot onder de 0,10 euro per kWh. Bij 50 kWh verbruik in die week betaal je 5 euro in plaats van 13 euro tegen de richtprijs van 0,26 euro. In een koude week zonder zon kan dezelfde 50 kWh juist 15 euro kosten.

Gas vertoont een vergelijkbaar seizoenspatroon. In de wintermaanden is de vraag structureel hoger, waardoor de dagprijzen vaak boven het jaargemiddelde liggen. Een huishouden dat 1.100 m3 verbruikt, merkt dit vooral in de maanden november tot en met februari.

Internationale en geopolitieke factoren

Nederland importeert een groot deel van zijn energie. Storingen in buitenlandse productie of transportleidingen werken daarom direct door in de Nederlandse inkoopprijzen. Ook politieke beslissingen over exportbeperkingen of sancties kunnen de markt snel verstoren.

Een voorbeeld: als een belangrijke gasleverancier tijdelijk minder exporteert, kan de dagprijs met 0,20 euro per m3 stijgen. Bij een verbruik van 100 m3 in die periode betaal je 20 euro extra ten opzichte van de richtprijs van 1,42 euro per m3. Dergelijke pieken komen onregelmatig voor en zijn moeilijk te voorspellen.

Stroomprijzen reageren daarnaast op Europese marktintegratie. Wanneer buurlanden veel vraag hebben, stroomt goedkopere Nederlandse stroom weg, waardoor de lokale prijs stijgt. Dit effect is vooral zichtbaar op dynamische contracten.

Dynamische contracten en uurtarieven

Met een dynamisch contract betaal je de werkelijke inkoopprijs per uur voor stroom en per dag voor gas. Bekende leveranciers zoals Tibber, Frank Energie en ANWB Energie rekenen op deze manier af. Negatieve prijzen komen voor: je krijgt dan geld toe als je stroom verbruikt.

Stel dat de uurprijs 0,05 euro per kWh lager ligt dan de richtprijs van 0,26 euro. Bij 10 kWh verbruik in dat uur scheelt dat 0,50 euro. Over een jaar met veel gunstige uren kan dit bij 2.500 kWh een besparing van enkele tientallen euro’s opleveren, maar ook extra kosten bij ongunstige uren.

Teruglevering gebeurt tegen de actuele marktprijs zonder energiebelasting en btw. Dat maakt terugleveren op momenten met lage of negatieve prijzen minder aantrekkelijk. wat-kost-1-kwh-stroom legt uit hoe je deze tarieven zelf kunt volgen.

Gevolgen voor je energierekening

Omdat energiebelasting en de vaste vermindering vaststaan, merk je schommelingen vooral via de inkoopprijs. Een gemiddeld huishouden met 2.500 kWh en 1.100 m3 betaalt bij de richtprijzen ongeveer 650 euro aan variabele kosten voordat belastingen en korting zijn verrekend.

Een stijging van de gemiddelde inkoopprijs met 0,03 euro per kWh verhoogt de jaarrekening met 75 euro. Bij gas geldt een vergelijkbare rekensom: 0,10 euro extra per m3 kost bij 1.100 m3 ongeveer 110 euro per jaar. gemiddeld-stroomverbruik-huishouden toont hoe verbruik per huishoudgrootte verschilt.

De afwezigheid van een prijsplafond sinds 2023 maakt huishoudens directer afhankelijk van marktbewegingen. welke-apparaten-verbruiken-meeste-stroom helpt bij het identificeren van grote verbruikers die je kunt verplaatsen naar goedkopere uren.

Factor Invloed op prijs Voorbeeld jaareffect (2.500 kWh)
Inkoopprijs +0,05 €/kWh Sterk variabel +125 euro
Energiebelasting Vast 0 euro
Netbeheerkosten Vast 0 euro
Vaste vermindering Vast -628,96 euro

* Voorbeeldberekening op basis van richtprijzen; werkelijke effecten hangen af van je contract en verbruikspatroon.

Veelgestelde vragen

Waarom verandert de inkoopprijs zo vaak?

De inkoopprijs ontstaat op de Europese groothandelsmarkt waar vraag en aanbod elk uur of elke dag in evenwicht worden gebracht. Weer, geopolitiek en exportstromen zorgen voor voortdurende aanpassingen.

Heb ik last van schommelingen met een vast contract?

Ja, maar pas bij verlenging. Tijdens de contractperiode staat je tarief vast, daarna wordt het nieuwe tarief gebaseerd op de dan geldende inkoopprijzen.

Kan ik schommelingen benutten met een dynamisch contract?

Ja, door verbruik te verplaatsen naar uren met lage of negatieve prijzen. Apparaten zoals de wasmachine of vaatwasser kun je vaak programmeren op goedkope momenten.

Wat gebeurt er met teruglevering na 2026?

Vanaf 1 januari 2027 stopt saldering volledig. Je krijgt dan alleen een terugleververgoeding tegen de actuele marktprijs, zonder verrekening met je verbruik.

Bronnen & tarief: cijfers o.b.v. Rijksoverheid, Milieu Centraal, CBS, Nibud, RVO en Belastingdienst. Kosten berekend met een richtprijs van EUR 0,26 per kWh en EUR 1,42 per m3 (gemiddeld all-in, CBS 2026); werkelijke prijzen verschillen per contract, leverancier en moment.

Meer in Energieprijzen.