Je berekent je verwachte energieverbruik grotendeels aan de hand van het aantal bewoners en de bijbehorende woonoppervlakte. Een eenpersoonshuishouden verbruikt gemiddeld minder dan een gezin, en grotere woningen vragen vaak meer energie voor verwarming en warm water. Met de richtprijzen van EUR 0,26 per kWh en EUR 1,42 per m³ reken je eenvoudig je jaarlijkse kosten uit.
Gemiddeld verbruik per huishouden
Het gemiddelde huishouden gebruikt circa 2.500 kWh stroom en 1.100 m³ gas per jaar. Dit cijfer komt voort uit gegevens van Nibud en Milieu Centraal en geldt als uitgangspunt voor een doorsnee woning. Kleinere huishoudens verbruiken minder, terwijl gezinnen met kinderen hoger uitkomen door extra apparaten en warmwatergebruik.
Een eenpersoonshuishouden zit rond 1.600 kWh stroom en 900 m³ gas. Bij twee personen loopt dit op tot ongeveer 2.500 kWh en 1.100 m³. Een gezin met twee kinderen komt uit op circa 4.300 kWh en 1.700 m³. Deze verschillen hangen samen met de woonoppervlakte: meer vierkante meters betekent vaak meer ruimtes om te verwarmen.
Voorbeeld: bij 2.500 kWh à EUR 0,26 reken je 650 euro aan stroom. Bij 1.100 m³ gas à EUR 1,42 komt 1.562 euro uit. Tel daar de vaste netbeheerkosten en energiebelasting bij op voor het totaalbeeld.
Opbouw van de energieprijs
De energierekening bestaat uit inkoopprijs, energiebelasting, 21 procent btw en netbeheerkosten. De energiebelasting 2026 bedraagt EUR 0,1108 per kWh stroom en EUR 0,7268 per m³ gas, inclusief btw. Ieder huishouden krijgt een vaste vermindering van EUR 628,96 per jaar per aansluiting.
De richtprijs van EUR 0,26 per kWh en EUR 1,42 per m³ is een all-in gemiddelde. Werkelijke tarieven verschillen per contract en leverancier. Dynamische contracten volgen uurtarieven voor stroom en dagprijzen voor gas, waardoor de kosten per dag kunnen schommelen.
Voorbeeld: een huishouden met 2.500 kWh betaalt 2.500 × 0,26 = 650 euro. Na verrekening van de vaste vermindering daalt het belastingdeel. De netbeheerkosten blijven een vast jaarbedrag, onafhankelijk van verbruik.
Verbruik berekenen op basis van woonoppervlakte
Woonoppervlakte beïnvloedt vooral het gasverbruik voor verwarming. Grotere woningen hebben meer buitenmuren en ramen, waardoor warmteverlies toeneemt. Je kunt je verbruik schatten door het gemiddelde van je huishoudgrootte te nemen en daar een correctie voor extra vierkante meters aan toe te voegen op basis van isolatieniveau.
Een slimme meter registreert exact hoeveel stroom en gas je gebruikt en teruglevert. Door maandelijks de standen te vergelijken, zie je hoe de oppervlakte van je woning het verbruik beïnvloedt. Zonder slimme meter geef je de standen zelf door aan je leverancier.
Voorbeeld: een twee-onder-een-kapwoning van 120 m² met twee bewoners verbruikt vaak iets meer gas dan een appartement van 70 m² met hetzelfde aantal personen. De extra ruimte vraagt meer verwarming, wat je terugziet in het m³-verbruik.
Kosten vergelijken met een tabel
| Huishouden | Stroom (kWh) | Gas (m³) | Kosten stroom | Kosten gas |
|---|---|---|---|---|
| 1 persoon | 1.600 | 900 | EUR 416 | EUR 1.278 |
| 2 personen | 2.500 | 1.100 | EUR 650 | EUR 1.562 |
| Ge zin 2 kinderen | 4.300 | 1.700 | EUR 1.118 | EUR 2.414 |
* Kosten berekend met richtprijzen EUR 0,26/kWh en EUR 1,42/m³. Netbeheerkosten en vaste vermindering energiebelasting zijn hierin niet verwerkt.
Invloed van een warmtepomp of cv-ketel
Een warmtepomp vervangt of ondersteunt de cv-ketel en bespaart gas. Een hybride warmtepomp werkt samen met de bestaande ketel en reduceert het gasverbruik fors. Een all-electric warmtepomp verwarmt de woning volledig zonder gas.
De ISDE-subsidie geldt voor warmtepompen, isolatie en zonneboilers, maar niet voor zonnepanelen of een thuisbatterij. De hoogte varieert van enkele honderden euro’s voor een hybride model tot enkele duizenden euro’s voor een bodemwarmtepomp. De terugverdientijd hangt af van je gasverbruik en de SCOP-waarde van de pomp.
Voorbeeld: vervang je 1.100 m³ gas door een warmtepomp, dan daalt het gasdeel met EUR 1.562. De extra stroom die de pomp gebruikt, reken je tegen EUR 0,26 per kWh. De werkelijke besparing verschilt per woning en isolatieniveau.
Zonnepanelen en salderen tot 2027
Met zonnepanelen wek je eigen stroom op. Een modern paneel van 400-450 Wp levert in Nederland ongeveer 340-400 kWh per jaar bij goede oriëntatie. Je mag 100 procent salderen tot en met 31 december 2026. Vanaf 1 januari 2027 stopt de salderingsregeling in één keer.
Vanaf 2027 krijg je alleen een terugleververgoeding per kWh. Sommige leveranciers rekenen nu al terugleverkosten van 1 tot 3 cent per teruggeleverde kWh of een vast jaarbedrag. Een zonnepanelen-installatie heeft een terugverdientijd van grofweg 5 tot 9 jaar, die na 2027 langer kan uitvallen.
Voorbeeld: 10 panelen leveren circa 3.700 kWh per jaar. Zolang saldering geldt, streep je dit weg tegen je verbruik. Na 2027 lever je terug tegen de marktprijs van dat uur en betaal je mogelijk terugleverkosten.
Dynamische contracten en een thuisbatterij
Een dynamisch energiecontract rekent stroom af op uurtarieven en gas op dagprijzen. Uurprijzen kunnen negatief zijn, waardoor je geld toe krijgt als je op dat moment verbruikt. Teruglevering wordt vergoed tegen de marktprijs van dat uur, exclusief energiebelasting en btw.
Een thuisbatterij van 5-10 kWh maakt je eigen stroom beter bruikbaar na 2027. Je slaat overtollige opwekking op in plaats van terug te leveren tegen een lagere vergoeding. Er is geen landelijke subsidie voor een thuisbatterij, al bestaan soms provinciale regelingen.
Voorbeeld: bij negatieve uurprijzen laad je de batterij op met goedkope of gratis stroom. Later gebruik je die stroom zelf, waardoor je minder hoeft in te kopen tegen EUR 0,26 per kWh.
Veelgestelde vragen
Hoe reken ik mijn verbruik om naar kosten?
Vermenigvuldig je kWh met EUR 0,26 en je m³ gas met EUR 1,42. Trek daarna de vaste vermindering energiebelasting van EUR 628,96 af en tel de netbeheerkosten erbij.
Verandert mijn verbruik met de woonoppervlakte?
Ja, grotere woningen vragen meer energie voor verwarming. Gebruik de gemiddelde verbruikscijfers per huishoudgrootte als basis en pas aan op basis van isolatie en type woning.
Wat gebeurt er met salderen na 2026?
De salderingsregeling stopt per 1 januari 2027. Je krijgt dan alleen een terugleververgoeding en mogelijk terugleverkosten van je leverancier.
Kan ik een thuisbatterij combineren met zonnepanelen?
Ja, een thuisbatterij slaat je eigen stroom op voor later gebruik. Dit wordt interessanter zodra saldering stopt, omdat je minder afhankelijk bent van de terugleververgoeding.
Bronnen & tarief: cijfers o.b.v. Rijksoverheid, Milieu Centraal, CBS, Nibud, RVO en Belastingdienst. Kosten berekend met een richtprijs van EUR 0,26 per kWh en EUR 1,42 per m3 (gemiddeld all-in, CBS 2026); werkelijke prijzen verschillen per contract, leverancier en moment.