De stroomprijs bestaat uit vier vaste onderdelen: de inkoopprijs, energiebelasting, 21 procent btw en netbeheerkosten. Deze onderdelen tellen samen op tot de all-in prijs die je betaalt per kWh. Met de richtprijs van 0,26 euro per kWh reken je voor een gemiddeld huishouden met 2.500 kWh uit wat elk onderdeel ongeveer kost. De energierekening bevat daarnaast een jaarlijkse vaste vermindering energiebelasting van 628,96 euro per aansluiting.
De onderdelen van de stroomprijs
De totale stroomprijs die je betaalt, is een optelsom van vier componenten. De inkoopprijs is het deel dat de leverancier betaalt op de groothandelsmarkt. Daar bovenop komt energiebelasting, die de overheid heft om energieverbruik te belasten. Over het totaal van inkoop en belasting rekent de leverancier 21 procent btw. Tot slot betaal je netbeheerkosten, die regionaal verschillen en jaarlijks vaststaan.
Deze structuur geldt voor alle huishoudens, ongeacht het type contract. Bij een vast of variabel contract worden de onderdelen gemiddeld berekend. Bij een dynamisch contract zie je de inkoopprijs per uur terug, terwijl energiebelasting, btw en netbeheerkosten gelijk blijven. De richtprijs van 0,26 euro per kWh bevat al deze onderdelen bij elkaar.
Een concreet voorbeeld: bij 2.500 kWh verbruik tegen 0,26 euro per kWh betaal je in totaal 650 euro. Hiervan is een deel inkoop, een deel belasting en een deel netbeheer. De exacte verdeling verschilt per leverancier en regio, maar de optelsom blijft de richtprijs.
Hoe de inkoopprijs werkt
De inkoopprijs is het bedrag dat je leverancier betaalt om stroom in te kopen op de groothandelsmarkt. Deze prijs fluctueert dagelijks of per uur, afhankelijk van vraag en aanbod. Bij vaste contracten rekent de leverancier een gemiddelde inkoopprijs door. Bij dynamische contracten betaal je exact de uurprijs van de EPEX-beurs.
De inkoopprijs vormt meestal het kleinste deel van de totale stroomprijs. De overige componenten (belasting, btw en netbeheer) zijn stabieler. Daarom zie je bij dalende inkoopprijzen niet altijd een even grote daling op je eindafrekening. De richtprijs van 0,26 euro per kWh bevat een gemiddelde inkoopcomponent.
Voorbeeld: stel dat de inkoopprijs gemiddeld 0,08 euro per kWh bedraagt. Bij 2.500 kWh is dat 200 euro aan inkoop. De resterende 0,18 euro per kWh bestaat uit belasting, btw en netbeheer. Dit laat zien dat de inkoopprijs slechts een deel van het totaal verklaart.
Energiebelasting en de vaste vermindering
Energiebelasting is een overheidsheffing op stroom en gas. Voor 2026 bedraagt deze 0,1108 euro per kWh inclusief 21 procent btw. Dit tarief is voor iedereen gelijk en wordt door de leverancier geïnd. De belasting geldt ook als je zelf stroom opwekt en teruglevert, tenzij je kunt salderen.
Daarnaast ontvang je een vaste vermindering energiebelasting van 628,96 euro per jaar per aansluiting. Dit bedrag wordt verrekend op je jaarafrekening en geldt als belastingteruggave. Het verlaagt je totale energierekening onafhankelijk van je verbruik.
Voorbeeld: bij 2.500 kWh betaal je 2.500 × 0,1108 = 277 euro aan energiebelasting. Na aftrek van de vaste vermindering van 628,96 euro blijft er een negatief bedrag over dat wordt verrekend met andere kosten. Dit mechanisme zorgt ervoor dat kleinverbruikers relatief minder belasting betalen.
Btw op je energierekening
Over de som van inkoopprijs en energiebelasting rekent de leverancier 21 procent btw. Deze btw is onderdeel van de richtprijs van 0,26 euro per kWh. Sinds 2023 geldt 0 procent btw op de aanschaf en installatie van zonnepanelen, maar dit geldt niet voor het verbruik zelf.
De btw maakt het tarief hoger, maar is een vast percentage. Bij een dynamisch contract wordt btw ook over de actuele uurprijs berekend. Dit betekent dat je bij negatieve uurprijzen soms geld terugkrijgt inclusief btw-effect.
Voorbeeld: als inkoop plus belasting 0,15 euro per kWh bedraagt, komt daar 0,0315 euro btw bij. Bij 2.500 kWh is dat 78,75 euro aan btw. Dit bedrag is al verwerkt in de richtprijs van 0,26 euro per kWh.
Netbeheerkosten als vast onderdeel
Netbeheerkosten zijn de kosten voor het transport van stroom via het netwerk. Deze kosten zijn vast per jaar en verschillen per regio en netbeheerder. Ze staan los van je verbruik en worden apart op de rekening vermeld. De hoogte hangt af van je aansluitcapaciteit.
Omdat netbeheerkosten vast zijn, hebben ze een grotere invloed bij laag verbruik. Bij een gemiddeld huishouden met 2.500 kWh vormen ze een kleiner percentage van de totale rekening. De kosten zijn niet afhankelijk van de inkoopprijs of belasting.
Voorbeeld: stel de netbeheerkosten bedragen 300 euro per jaar. Bij 2.500 kWh verbruik is dat 0,12 euro per kWh. Samen met de overige onderdelen kom je uit op de richtprijs van 0,26 euro per kWh. De exacte netbeheerkosten vind je op je jaarafrekening of via je netbeheerder.
Voorbeeld berekening voor een gemiddeld huishouden
| Onderdeel | Tarief | Bij 2.500 kWh |
|---|---|---|
| Inkoop + belasting + btw | 0,26 €/kWh | 650 € |
| Netbeheerkosten (vast) | 300 €/jaar | 300 € |
| Vaste vermindering | -628,96 €/jaar | -628,96 € |
| Totaal | 321,04 € |
* Voorbeeld berekend met richtprijzen; werkelijke netbeheerkosten verschillen per regio.
Een gemiddeld huishouden verbruikt ongeveer 2.500 kWh per jaar. Met de richtprijs van 0,26 euro per kWh zou je zonder vaste vermindering 650 euro betalen. Na verrekening van de vaste vermindering daalt het bedrag fors. Dit voorbeeld toont hoe de onderdelen samen de eindafrekening bepalen.
Bij een gezin met twee kinderen ligt het verbruik hoger, rond 4.300 kWh. Dezelfde berekening levert dan een hoger totaal op voordat de vaste vermindering wordt verrekend. De structuur van de prijsopbouw blijft echter identiek.
Invloed van saldering en dynamische contracten
Tot en met 31 december 2026 mag je 100 procent salderen. Vanaf 1 januari 2027 stopt de salderingsregeling in één keer. Teruggeleverde stroom kun je dan niet meer wegstrepen en je ontvangt alleen een terugleververgoeding. Dit verandert de effectieve prijs die je betaalt voor zelf opgewekte stroom.
Bij dynamische contracten wordt de inkoopprijs per uur afgerekend. Soms zijn uurprijzen negatief, waardoor je geld toe krijgt bij verbruik. Teruglevering gebeurt tegen de marktprijs van dat uur, exclusief energiebelasting en btw. Bekende dynamische leveranciers zijn Tibber, Frank Energie, ANWB Energie, Next Energy en Zonneplan.
Voorbeeld: bij 1.000 kWh teruglevering na 2027 ontvang je alleen de terugleververgoeding van je leverancier. Tegen de richtprijs van 0,26 euro per kWh zou je zonder saldering 260 euro besparen, maar in werkelijkheid krijg je minder. Dit maakt een thuisbatterij interessanter om eigen stroom zelf te gebruiken.
Veelgestelde vragen
Hoe weet ik mijn actuele stroomprijs?
Kijk op je jaar- of maandafrekening of in de app van je leverancier. De richtprijs bedraagt 0,26 euro per kWh, maar je werkelijke tarief hangt af van je contract en leverancier.
Wat gebeurt er met de energiebelasting na 2027?
De energiebelasting blijft bestaan. Alleen de salderingsregeling stopt per 1 januari 2027. De tarieven voor 2026 bedragen 0,1108 euro per kWh inclusief btw.
Is een dynamisch contract altijd voordeliger?
Niet altijd. Je profiteert van lage of negatieve uurprijzen, maar betaalt soms meer bij pieken. Vergelijk je verbruikspatroon met de tarieven van Tibber, Frank Energie of ANWB Energie.
Moet ik netbeheerkosten apart betalen?
Ja, netbeheerkosten staan als vast bedrag op je rekening. Ze zijn afhankelijk van je regio en aansluiting en worden niet beïnvloed door je verbruik of contractvorm.
Bronnen & tarief: cijfers o.b.v. Rijksoverheid, Milieu Centraal, CBS, Nibud, RVO en Belastingdienst. Kosten berekend met een richtprijs van EUR 0,26 per kWh en EUR 1,42 per m3 (gemiddeld all-in, CBS 2026); werkelijke prijzen verschillen per contract, leverancier en moment.